Kan Wout van Aert de klok verslaan? Enkeloperatie, de voorjaarsklassiekers en een comeback in 2026.

Nu de wielwereld vooruitkijkt naar het seizoen 2026, domineert één vraag het gesprek: kan Wout van Aert de klok verslaan?

Na een enkeloperatie na een slopend en door blessures geplaagd seizoen, bevindt de Belgische superster zich in onbekend terrein: hij racet niet tegen rivalen, maar tegen de tijd. Voor een renner die zijn reputatie heeft opgebouwd met veelzijdigheid, veerkracht en een onvermoeibare ambitie, zou de weg terug wel eens een van zijn zwaarste uitdagingen tot nu toe kunnen zijn.

 

Van Aerts blessure kwam op het slechtst denkbare moment. De voorjaarsklassiekers – de wedstrijden die zijn nalatenschap bepalen – glipten hem door de vingers, omdat de herstelperiodes botsten met de voorbereidingsschema’s. Voor een renner die op een haar na monumenten als de Ronde van Vlaanderen en Parijs-Roubaix heeft gewonnen, is het missen van cruciale voorbereidingsmaanden meer dan een fysieke klap; het is ook een emotionele.

 

Bronnen dicht bij zijn team, Team Visma | Lease a Bike, geven aan dat de operatie succesvol is verlopen en dat Van Aert al is begonnen aan een zorgvuldig gestructureerd revalidatieprogramma. Het moderne wielrennen wacht echter op niemand. Omdat rivalen steeds vroeger in topvorm zijn en elk seizoen harder koersen, is de foutmarge flinterdun.

 

De 29-jarige heeft al eerder tegenslagen gekend. Van dramatische valpartijen tot hartverscheurende bijna-overwinningen op het WK, Van Aert heeft herhaaldelijk een buitengewoon vermogen getoond om sterker terug te keren. Maar deze keer voelt het anders. Een enkelblessure voor een renner die bekend staat om zijn explosieve kracht – of het nu gaat om sprints op de kasseien of moddergevechten in het veldrijden – roept terecht vragen op over de vraag of hij zijn kenmerkende acceleratievermogen kan terugkrijgen.

 

Zijn langdurige rivaliteit met Mathieu van der Poel maakt het comebackverhaal nog intrigerender. Terwijl Van der Poel grote overwinningen blijft behalen, zal de Belg vanuit een herstelkamer toekijken, analyseren, plannen en in stilte zijn terugkeer beramen. Wielrennen gedijt op rivaliteit, en de sport voelt enigszins incompleet zonder dat beide titanen in topvorm aan de start verschijnen.

 

Het teammanagement blijft optimistisch. Bronnen binnen de sport suggereren dat Van Aert zich niet zozeer richt op een snelle comeback voor de korte termijn, maar op het opbouwen naar een volledige aanval in 2026. Het plan zou zich richten op een geleidelijke terugkeer aan het einde van het seizoen 2025, waarbij de focus ligt op het vinden van zijn vorm in plaats van deze te forceren.

 

Naast tactiek en tijdschema’s is er iets dat moeilijker te meten is: honger. Degenen die Van Aert het beste kennen, beschrijven hem als een sporter wiens tegenslagen hem eerder motiveren dan verzwakken. Het vaderschap heeft ook zijn perspectief veranderd en hem op een bepaalde manier met beide benen op de grond gezet, wat uiteindelijk zijn lange carrière in de sport ten goede kan komen. De balans tussen gezinsleven en topprestaties zou wel eens het verborgen voordeel kunnen zijn in dit hoofdstuk van zijn carrière.

 

Voor nu tikt de stopwatch door. Revalidatiesessies vervangen de radio’s tijdens de wedstrijd. De vloer van de sportschool vervangt de kasseien. Maar kampioenen worden vaak niet gedefinieerd door hoe ze winnen, maar door hoe ze terugkeren.

 

Als de geschiedenis een leidraad is, zou het een vergissing zijn om Wout van Aert af te schrijven. De vraag is niet of hij terugkomt, maar of 2026 het seizoen zal zijn waarin hij eindelijk de monumenten verovert die hem tot nu toe steeds zijn ontglipt.

 

De tijd dringt. En Van Aert jaagt er, wederom, op.

Be the first to comment

Leave a Reply

Your email address will not be published.


*